IN MEMORIAM PIET SMOUT MSC                                                 
bij FILIPPENZEN 4, 1.4/7 en MARKUS  4, 10/12

1.
Met velen zijn we hier samen rond Piet Smout.
Geboren op 30 januari 1927 in Amsterdam.
In jaren van crisis en tweede wereldoorlog
bracht hij daar ook zijn jeugd door.
Hij ging naar het Ignatiuscollege.
Pas daarna kwam hij bij de msc.
Zo deed hij op 21 september 1948 zijn eerste professie in Berg en Dal.
Op 6 september 1953 werd hij in Stein priester gewijd.

2.
En toen wilde hij graag als missionaris naar Indonesië.
Maar de politieke situatie maakte dat onmogelijk.
Op 7 oktober 1955 ging Piet weg, maar naar Brazilië.
Niet veel later, in 1957 kon hij toch naar Indonesië.
Hij begon in Manado…

Eerst in het parochiepastoraat.
Maar al gauw werd hij procurator, en meer dan dat.
Vanuit die functie wist hij, bijna als een tovenaar,
 veel te doen voor mensen die hulp nodig hadden.
Daarbij hoorde ook het kinderdorp dat hij van de grond tilde.
Met de formule: pleegkinderen bij pleegouders.
Zelf had hij ook enkele pleegkinderen.
Ik herinner me hoe blij Piet was dat één van hen, Riffly
een paar jaar geleden bij ons logeerde.

3.
Piet beleefde in Indonesië heel goede tijden.
Maar ook waren er lastige conflicten en teleurstellingen,
waar hij later niet graag aan dacht,  niet graag over sprak.
Soms konden zijn eigen emoties Piet te veel, te heftig worden.
Misschien daardoor was hij dan liever op zichzelf,
trok hij zich terug,
was hij enige tijd niet goed benaderbaar

4.
Die schaduw  droeg hij ook met zich mee
toen hij in 1980 terugkeerde naar Nederland
en bij Cebemo ging werken,
eerst in Den Haag, later in Oegstgeest.

5..
Een nieuw elan vond hij,
met name toen hij vanaf 1982 pastoor werd van de KKI.
Christina Priadi vertelde ervan…
Zijn hart bloeide weer helemaal open,                                                
er groeide een hechte band, wederzijds, tussen de pastoor en de parochianen
Hij bleef pastoraal actief tot het echt niet meer ging.
En toen nóg bleef híj pastor voor hen
en zíj bleven zorg voor hun pástor dragen,
warm en intens.

6.
Toen zijn werk bij Cebemo een eind vond
kwam hij, alleenwonend in Leiden,
naar de msc-communiteit in Rotterdam.
Een hele stap, maar hij vond er een thuis.

Af en toe was er die schaduw.
Dan kon Piet van slag zijn, ontredderd
en daarna teruggetrokken stil.

En toch, de Amsterdammer, had in Rotterdam een thuis gevonden.
Ook omdat hij er heerlijke wandelingen kon maken,
langs de Rotte, langs de Maas -
hij genoot ervan.
En thuis waren er de cryptogrammen -
hij was er meester in.

7.
Zijn wereld wankelde toen hij hoorde: u heeft leukemie.
Met alles wat in hem was gaf hij zich over
aan pogingen om het tij te keren,
daarbij gesteund door heel wat trouwe parochianen.
Chemo-kuren keer op keer, jaar na jaar
- steeds leefde hij weer op -
tot niemand er nog iets aan doen kon.

De laatste maanden waren zwaar, soms zeer zwaar,
maar hij doorstond het, zonder klagen,
tot op het laatst toe.
Zo vond zijn leven een einde.
Het was thuis in zijn eigen bed, op 21 september 2008,
op de dag dat hij 60 jaar geprofest was.

8
Maar al die feiten, wat hij gedaan heeft…
zijn inzet voor de msc, financien missiecomite, zo veel…
van Piet had ik dat hier allemaal niet hoeven te vertellen.

In zijn leven had Piet meer en meer
een heel eigen kijk gekregen op wat belangrijk is.
In een preek van 8 december 2005 vertelde hij ervan…
Later zei hij: het is mijn geloofsbelijdenis.
Aanleiding voor die openhartige geloofsbelijdenis                          
was een gesprek in onze msc-kring over de spiritualiteit van het ouder worden.

Om ons te laten delen in zijn spiritualiteit van het ouderworden
koos hij het woord GEHEIM.
Naarmate je ouder wordt, zei hij,
zijn innerlijke gebeurtenissen belangrijker dan uiterlijke dingen' .
In het licht van mijn vergankelijkheid
verlang ik steeds meer te weten
wat het geheim van mijn eigen persoonlijke leven is.
Dat geheim is alleen te verstaan is in het licht van het Grote Geheim:
God bemind ons, wij mogen er zijn,
en wij mensen, wij zijn geboren om bemind te worden en om te beminnen.

Uiterlijke vormen van bidden en geloven verliezen hun waarde..
Er zijn geen gelijkenissen meer nodig
over het zaad op het pad, op de rots, tussen de distels, in goede aarde(Marcus),
ten diepste gaat het niet om prestaties.
Met de woorden van Piet:
"Wat ik ben gaan zoeken is een levende tastbare omgang met God".
"Ik wil met mijn denken bij God zijn,
maar het is een denken vanuit het hart…
een warm gevoel voor God…

Al blijft God ons volkomen vreemd,
en ook al verbergt het ware zijn van God zich voor ons..
als ons hart in God is, zei Piet,
dan is ook onze hele ziel in God…
.
9
In het licht van die spiritualiteit van het hart
kon Piet, denk ik, de donkere schaduw van zijn leven weg laten glijden.
In het licht van die spiritualiteit
kon Piet de kracht vinden
om de soms onmenselijk moeilijke ogenblikken en pijn van de laatste jaren
te doorstaan, te leven.

Deze overweging wil ik afsluiten
met de woorden van zijn geloofsbelijdenis,
genomen uit de brief aan de Filippenzen:
Beste broer Piet,
God zal met zijn vrede, die alle begrip te boven gaat,
waken over je hart en je gedachten."
Het zij zo.
Amen.